BrightLights
dylan

Waarom Bob Dylan de literatuur heeft gered

2016 zal de geschiedenisboeken ingaan als het jaar waarin Bob Dylan de Nobelprijs voor de literatuur in ontvangst nam. En als het jaar waarin de hele halve elitaire literaire wereld van de wereld daar woedend over viel.

Direct nadat bekend werd dat Bob Dylan de prijs gewonnen had, werden de eerste boze tweets alweer de wereld in gefloten. “Nou ja, die Nobelprijs hoeven we ook niet meer serieus te nemen.” Twitterde Saskia Noort bijvoorbeeld (die zelf overigens stukjes voor de LINDA schrijft) en in dit artikel is te lezen dat de uitreiking meer kwaad dan goed doet voor de literatuur, “die het toch al moeilijk heeft”.

Als je het mij vraagt, betekent deze keuze juist een redding van de zogenaamd uitstervende kunstvorm.

Tijden veranderen

Want het is waar, mensen lezen tegenwoordig minder boeken en gedichten en verhalen dan vroeger. Het aantal bibliotheekabonnementen loopt terug, avonduren die ooit lezend werden gespendeerd, benut men nu vaker met het kijken van Netflix en inspirerende quotes bij profielfoto’s zijn vaker gewoon van internet geplukt na het intypen van de intelligente zoekterm “inspirational quotes” op Google dan opgeduikeld tijdens besprekingen in boekenclubs.
Maar als mensen straks helemaal geen boeken meer lezen (wat volgens mij niet per se zal gebeuren) betekent dat niet dat de literatuur gestorven is. Tijden veranderen, en de manier waarop mensen dingen met elkaar delen ook.

Neem bijvoorbeeld Spoken Word. Deze combinatie tussen rap, theater en poëzie, tussen gesproken en geschreven taal, is toenemend populair en hoe dan ook een stuk populairder dan het lezen van dichtbundels. Het is een vorm van poëzie die is ontstaan op straat, tegenwoordig ook meer en meer omarmd is door de literaire wereld, die absoluut niet per definitie onderdoet aan andere, meer geschreven vormen van literatuur, en die net als het geschreven woord, poëtisch, filosofisch en doordacht kan zijn, maar soms ook gewoon crap.

Wat is literatuur?

De hele discussie rond Dylan gaat vooral over de vraag: wat noemen we literatuur?
Als je mij vraagt om hierop een antwoord te formuleren, zal dat absoluut niet eenduidig zijn. Enerzijds is er natuurlijk de letterlijke definitie van het woord, die zoiets bedraagt als: “alle vormen van poëzie, proza en theater van een bepaald niveau”, anderzijds is er de bredere betekenis die de kunstvorm heeft voor de maatschappij, geschaard onder het begrip “communicatie”.

Wat ik wil bereiken met het tot me nemen van literatuur is 1) het verreiken van mijn kennis en intellect 2) het vergaren van nieuwe inzichten op gebied van filosofie, emotie, psychologie… etc. 3) het beter begrijpen van een bepaald maatschappelijk of historisch fenomeen, of 4) het vergroten van mijn inlevingsvermogen in andere mensen.

Hoe dat dan gebeurt, maakt me eigenlijk niet zo veel uit. Áls het maar gebeurt. Eis is wel dat er woorden in het spel zijn, maar hoeveel dat er zijn, in welke volgorde ze staan of hoe ingewikkeld ze zijn maakt me verder niet uit.

Niemand heeft gezegd dat er geen andere vormen van kunst bij het proces betrokken mogen zijn: ja, het is waar dat Bob Dylan een muzikant is, maar dat maakt hem niet mínder een tekstschrijver. Ik durf zelfs te stellen dat zijn muziek zijn literaire kwaliteit alleen maar heeft vergroot.

Literatuur moet iets doen

Zoals ik eerder noemde: het delende aspect van de literatuur is heel belangrijk, misschien wel minstens zo belangrijk als de inhoud ervan. Literatuur is iets waar mensen dingen van leren, iets dat horizonnen kan verbreden, empathie kan opwekken, gedachten en gevoelens kan veranderen. Dus hoe goed en interessant je gedichten ook zijn, als niemand ze leest zijn ze misschien niet eens echt van literaire kwaliteit. Want als niemand ze leest, dan, dan… dan dóén ze niks, begrijp je?

Nu wil dat niet zeggen dat kunst die maar een klein publiek bereikt geen waarde heeft: nee, dat zeker niet. Het gaat er vooral om dat er bij dat kleine publiek iets geraakt wordt. Iets verandert.

Het geven van een prijs hoeft dus niet alleen maar af te hangen van de populariteit van de kunstenaar in kwestie, maar de jury hoeft ook zeker niet alleen maar te oordelen naar de tentoongespreide intelligentie van een individu.

Kunst is méér

Neem nu bijvoorbeeld Harry Mulisch: misschien is hij een fantastische schrijver, een vreselijk intelligente man die zijn gedachtegoed maar al te geweldig weet over te brengen door zijn complexe en interessante romans. Maar mij raakt hij niet, niet zoals de liedjes van Bob Dylan dat doen. Harry Mulisch maakt mij absoluut niet aan het huilen.

Misschien ben ik een cultuurbarbaar, maar soms denk ik: voor het zeggen van slimme dingen hebben we toch ook al wetenschappers? Ik bedoel, niet dat kunstenaars geen slimme dingen mogen zeggen, maar moeten zij eigenlijk niet nog meer doen? Het hele idee is toch juist dat de kunstenaar vrij is van objectiviteit, dat die iets anders moet raken in een mens dan de ratio? Waarom dan geen prijs toekennen aan iemand die enorme menigtes weet te ontroeren, die mensen aan het huilen maakt?

Bob Dylan is dat zeker gelukt en hoewel zijn teksten poëtisch zat zijn, heeft de muziek die hij erbij maakte die invloed enorm vergroot. Niet alleen zijn letterlijke reikwijdte is erdoor opgerekt, ook de lengte van het pad waarover hij door de harten van zijn luisteraars kon wandelen heeft hij verlengd.

Literator zijn hoeft niet te betekenen dat je niets anders kunt dan schrijven en het is niet de ingewikkeldheid van de taal die bovenaan staat op de prioriteitenlijst, het is de zeggingskracht daarvan.

En hoewel zijn teksten misschien minder vernuftig in elkaar zitten dan die van andere Grote Schrijvers, heeft Bob Dylan met zijn nummers héél erg veel gezegd.

En dan tot slot

Voor wie roept dat we nu dan “alle popzangers ook wel literaire prijzen toe kunnen gaan kennen”; dan sla je de plank volledig mis. Want net zoals er betere en minder goede boeken zijn, er een verschil bestaat tussen literatuur en lectuur, zo zijn er ook betere en minder goede liedteksten, maken we onderscheid tussen poëzie en liefdesliedjes.
Het gaat niet om de vorm, noch om de inhoud, het gaat om iets daartussenin. Het gaat om een boodschap, maar meer dan dat nog gaat het erom dat die boodschap een op een begrepen wordt (met alle aspecten inbegrepen). Niemand kan zenden zonder een ontvanger.

Mette

Mette

Telt de dagen tot haar eindexamen gymnasium maar kent nog steeds geen Griekse goden. Schrijft op lege bladen en verslaapt zich elke ochtend. Is stiekem activistisch, maar schreeuwt niet vaak van de daken. Praat veel en vaag en onbegrijpelijk, maar is best aardig verder. Daarbij geïnteresseerd in alles wat diepzinnig is. Huilt bij bijna elke film, maar is stoer als ze de weg vraagt.
Is meestal aan het dromen maar luistert graag naar je verhalen.

Reageren