BrightLights
onderwijs

Speciaal onderwijs: echt geen redmiddel

Twaalf uur vier, maandagmiddag, de aula. Ik zit met Marie aan een tafeltje achterin de
ruimte. We proberen een gesprek te voeren over genetische modificatie omdat we allebei biologie-fans zijn. Het is onrustig in de aula: iemand heeft een woedeaanval. Dat gebeurt elke pauze, dus Marie en ik gaan steeds iets harder praten om elkaar te verstaan. Op het moment dat ik een vraag van haar wil beantwoorden, wordt er iets in mijn gezicht uitgeperst. Ik schrik en zie de dader snel wegrennen. De groep voorin de aula begint te lachen: ‘Nerds! Sukkels!’. Joris was het die de mandarijn in mijn gezicht uitkneep. Blijkbaar ben ik zo’n loser dat ik er zelfs hier buiten val. Nota bene op het speciaal onderwijs.

Te slim

In de brugklas van het vwo bleek al; Ivana is enorm slim, maar meerdere dingen houden dat tegen. Dat ik makkelijk kon leren en altijd het eerste een vraag kon beantwoorden, dat wist ik allang. In groep zes werd namelijk mijn IQ getest met als uitslag 140 IQ-punten. Hiermee werd ik altijd gepest of genegeerd, zo ook in de brugklas. Mensen vonden mij raar en wilden niet met mij eten in de pauzes. Door dit en andere oorzaken werd ik onzeker en ontwikkelde ik faalangst. In de derde klas ging het zo slecht met me dat ik moest huilen als er een proefwerk voor mijn neus werd gelegd. De school wist het zeker: dit kon niet zo langer. Ivana moet naar het speciaal onderwijs.

Het verlaten van mijn oude school viel mij zwaar. Door mijn schoolgenoten werd ik dan niet zo gewaardeerd, maar met mijn leraren kon ik het ontzettend goed vinden. Vooral met mijn natuurkundeleraar. Heel vaak had ik gesprekken met hem als ik weer angstig was geworden. Altijd gezellig en na die gesprekken liep ik altijd weer opgelucht en rustig uit zijn lokaal weg. Van hem moest ik afscheid nemen. Hij zei dat hij hoopte dat het goed zou gaan op mijn nieuwe school. Wat ik ook onthield was het advies van mijn lerares Duits: ga alsjeblieft niet naar de havo. Zij zag dat de lessen mij makkelijk afgingen en dat ik gefrustreerd raakte als ik iets allang begreep en toch uitleg kreeg. Vlak voordat ik op mijn laatste schooldag in de derde klas de schooldeur achter mij dichttrok, besefte ik dat ik deze toffe leraren veel minder of nooit meer zou spreken of zien. Alsof ik aan het rouwen was.

‘Moeilijke leerling’

Mijn ouders probeerden mij nog op te vrolijken: “Op jouw nieuwe school kunnen ze
rekening houden met jouw angsten en jou beter helpen”. Ik wilde het echt niet, want ik was begonnen op mijn oude school met de gedachte dat ik daar ook mijn diploma zou halen, zoals bijna ieder ander kind. Ineens was ik gedegradeerd tot ‘moeilijke leerling’ en zou ik niet trots op het grote podium in die versierde aula mijn vwo-diploma in ontvangst nemen. Ondanks dat probeerde ik positief te beginnen aan mijn eerste schooldag op het speciaal onderwijs.

Zelf hoopte ik dat ik op mijn nieuwe school vooral rust zou krijgen; er zou beter worden
omgegaan met faalangst en als ik daar minder last van had, zou ik kalmer zijn op school. Ik was erg toe aan rust na drie volle jaren van stress, paniek en angst. Ik had er vertrouwen in dat dat misschien wel zou gaan lukken.

vmbo

In het eerste halfjaar op mijn nieuwe school kwam alleen een mededeling van mijn mentrix. Ik moest in behandeling voor mijn angsten en omdat ik toch al op het speciaal onderwijs zat, vond de schoolleiding daar het een goed idee om mij een paar niveaus te laten zakken. Laten zakken naar het vmbo. De dag dat mij verteld is over het besluit, voelde het ook letterlijk alsof ik een stap achteruit zette. Op vwo niveau vond ik sommige vakken al te makkelijk, dit zou toch geen verbetering gaan brengen? Ze waren toch onverbiddelijk: ik ging naar 3 vmbo. Oké, niets aan te doen dacht ik. Hard werken, dan ben ik in maart al klaar voor het eindexamen.

Door de verandering van niveau kwam ik in een klas terecht met mensen met diverse
leerproblemen en omdat het speciaal onderwijs was, ook met zware gedragsproblemen. In het begin probeerde ik nog te doen alsof ik net als hen was. Een masker waar zij al snel doorheen prikten. Ze werden jaloers op het feit dat ik al twee jaar betaald blogde en een stralende toekomst voor mij had liggen. Daarom gingen ze mij dwarsbomen; ze veranderden stiekem mijn stukken in scheldtirades als ik per ongeluk mijn account open had laten staan. Ze scholden mij uit omdat ik ook op vrouwen val. Ze gooiden stoelen naar mijn hoofd in de aula en vertelden leugens over dat ik met leraren naar bed was geweest voor hoge cijfers. Ik stond alleen tegenover een groep van dertig man.

Gedemotiveerd

Onder het mom van ‘zij hebben ook een aandoening’ deed en doet het bestuur er niets
tegen. Ondertussen verveelde ik mij dood in de lessen. Vaak was ik binnen vijf minuten klaar met een proefwerk en zat ik de rest van de tijd voor mij uit te staren omdat ik alles al af had. Inmiddels ben ik al helemaal klaar voor het eindexamen wat 17 mei begint. Daardoor ga ik al anderhalve maand nauwelijks meer naar school. Ik heb daar praktisch niets meer te zoeken.

Mijn droom om biologie en scheikunde te studeren en wetenschappelijk journalist te
worden, lijken steeds verder van mij af te liggen. Ik word er somber van en gedemotiveerd. Studeren wil ik, net als de rest van mijn vrienden. Om naar de universiteit te kunnen moet ik alleen nog minstens twee jaar. Het studentenleven leef ik praktisch al. Ik woon begeleid op kamers, kook en was zelf, ga naar studentenverenigingen voor feestjes en ben in heel veel dingen compleet zelfstandig.

Afgebroken

Het speciaal onderwijs heeft mij niet geholpen, het heeft mij afgebroken. Ik heb het idee dat verhalen zoals die van mij niet verteld worden en dat daardoor het speciaal onderwijs nog steeds als meest passende oplossing wordt gezien. Helaas ben ik niet de enige: leerlingen met een gemiddeld of hoog IQ vallen er al snel buiten op het speciaal onderwijs. Dit resulteert in gepest en bedreigingen door andere leerlingen die zelf geen sociale grenzen kennen en ongemerkt ver gaan.

Rustig op het speciaal onderwijs is het vaak niet; er is elke dag wel geweld. Mensen die
buitensporige woedeaanvallen krijgen, geweld tegen leraren, leerlingen die met spullen
gooien. Het helpt ook niet dat het onderwijs vaak niet is aangepast op talentvolle
leerlingen; er zijn weinig speciale middelbare scholen waarop vwo of havo wordt
aangeboden. Dit is wat hoogbegaafden juist nodig hebben, maar door te weinig plaatsen op zulke scholen worden ze op een te laag niveau gezet. Kennis over hoogbegaafdheid
ontbreekt ook. Leraren worden boos omdat ik niet meer naar school kom, maar waarom zou ik als ik alles voor het eindexamen al afgerond heb? Hoogbegaafden kunnen serieus
ongelukkig worden als het schoolwerk voor hen te makkelijk is. Dit wordt dan gezien als
luiheid, terwijl juist deze scholen er meer over zouden moeten weten dan reguliere scholen.

Het is tijd dat hier eens naar wordt gekeken. Dat alle leerlingen zoals Marie en ik op de juiste plek onderwijs krijgen en geen last hebben van zware gedragsproblemen van anderen. Het speciaal onderwijs is een wereld achter gesloten deuren en daarom is er weinig toezicht op. Ik ga eindexamen doen dit jaar, maar volgend schooljaar komt er een nieuwe brugklas op mijn school en komen er andere drop-outs uit het reguliere onderwijs. Voor hen doe ik het. Wij willen niet meer het gevoel hebben dat wij er alleen voor staan.

De namen in dit artikel zijn gefingeerd. 

Reageren